Investeringsaftrek

Investeringsaftrek 2018.

Als u in 2018 een bedrag tussen € 2.300 en € 314.673 investeert in bedrijfsmiddelen voor uw onderneming, dan kunt u in aanmerking komen voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. Vanaf € 2.300 tot € 56.642 is de aftrek 28% van het geïnvesteerde bedrag. De bedrijfsmiddelen waarin u investeert, moeten dan wel in aanmerking komen voor investeringsaftrek. Personenauto’s komen bijvoorbeeld niet in aanmerking. Een bedrijfsauto met grijs kenteken komt wel in aanmerking voor de investeringsaftrek. Voor zuinige bedrijfsmiddelen komt u ook in aanmerking voor de milieu-investeringsaftrek (MIA).

Bedrijfswagen

 

Moment van investeren.

Het kan zijn dat het moment van aangaan van de koopverplichting (ondertekenen van de orderbevestiging) en het moment van ingebruikname of betaling in verschillende jaren valt. Bijvoorbeeld je koopt een zuinige auto in december en deze wordt op kenteken gezet en betaald in januari. Het moment van betalen is hier beslissend. Als je de investeringsaftrek nog in dit jaar wil benutten zal je een aanbetaling moeten doen van 28% voor 31 december. Hetzelfde principe geldt ook voor de milieu-investeringsaftrek.

Om de investeringsaftrek optimaal te benutten kan het soms nodig zijn om investeringen even uit te stellen of te vervroegen. Dit speelt uiteraard met name rond de jaarwisseling. Een investering bedraagt altijd meer dan € 450. Kleinere facturen komen niet in aanmerking. Wie door de belastingdienst wordt beschouwd als genieter van ‘resultaat uit overige werkzaamheden’ kan de investeringsaftrek niet toepassen.

Bedrijfsruimte.

De aankoop van bedrijfsruimte is een investering. Daarom hebt u mogelijk recht op investeringsaftrek als u een pand koopt om er uw onderneming in te vestigen. Koopt u een pand en brengt u maar een deel ervan in uw ondernemingsvermogen in, dan hebt u alleen voor dat deel recht op investeringsaftrek. Voor de grond waar het pand op staat, hebt u nooit recht op investeringsaftrek. Als uw werkruimte zich in uw eigen woning bevindt, hebt u alleen recht op investeringsaftrek als u de ruimte uitsluitend voor de bedrijfsvoering gebruikt. Woonhuizen zijn uitgesloten van investeringsaftrek.

Afschrijven op investeringen.

Op deze investeringen moet u gedurende de levensduur afschrijven, u mag ze dus niet in één keer als kosten van de winst aftrekken. De afschrijving wordt berekend aan de hand van drie factoren: de aanschafkosten, de vermoedelijke levensduur en de restwaarde. Voor het bepalen van de aanschafkosten wordt gekeken naar het totaal plaatje, dus ook de installatiekosten, notariskosten, subsidies, kortingen etc.

Lineaire afschrijving: Meestal wordt gebruik gemaakt van de lineaire afschrijvingsmethode, u schrijft dan met een vast percentage per jaar af op de aanschafprijs minus de restwaarde. Bij een afschrijving in 5 jaar tijd, wordt jaarlijks 20% afgeschreven tot een restwaarde van 0. Wordt een bedrijfsmiddel halverwege het jaar in gebruik genomen dan mag u alleen over de gebruiksperiode afschrijven (dus per 1 november in gebruik: slechts 2 maanden afschrijven!).

investeringsaftrekComputers, software en toebehoren: Op computers e.d. werd voorheen in 3 jaar met een restwaarde van 10% afgeschreven, jaarlijks dus 30% van de aanschafprijs. Vanaf 1 januari 2007 bent u verplicht om af te schrijven over minimaal 5 jaar zonder rekening te hoeven houden met een restwaarde, jaarlijks dus 20% van de aanschafprijs.

Inventaris: Inventaris wordt meestal afgeschreven in zo’n 5 tot 8 jaar afhankelijk van de aard en doel van de betreffende inventaris.

 

Investeringsaftrek

Door: Jan van de Pol

Voor advies en/of een berekening van uw investeringen of investeringsaftrek kunt u altijd contact met ons opnemen.